Altijd lekkere salades maken

“Maar eet je dan alleen nog maar salade?”

Eh, nee…

MAAR ik hou wél van salades!

En elk persoon, maar zeker elke vegetariër of veganist zou kennis moeten hebben over hoe je salades niet alleen gezond, maar ook geweldig kan maken.

Dus ga ik nu wat eeuwenoude saladewijsheid met jullie delen. Zodat jullie een salade op tafel kunnen zetten die geen bijgerecht is, maar hèt gerecht.

  1. Gebruik verse ingrediënten

Ik begin even met open deuren intrappen, maar sla van een week oud is gewoon niet meer zo lekker. Gebruik sla het liefst binnen twee, drie dagen, zodat de knapperigheid en de smaak behouden blijven. Sla die ouder is, is echter nog prima geschikt voor soepen, smoothies of door warme gerechten. Weggooien is dus niet nodig.

2. Gebruik seizoensgebonden groenten

Het liefst gebruik ik voor mijn salade groenten die ik net uit de tuin geplukt heb. Ik snap dat niet iedereen de luxe heeft van een groentetuin, maar je kan mijn seizoenskalenders voor lente, zomer, herfst en winter om te kijken welke groenten in het seizoen zijn. Deze groenten zijn namelijk vaak het goedkoopst, het lekkerst en het meest duurzaam om te eten op dat moment.

3. Begin met de basis

Een salade bestaat meestal – maar niet per se – uit een basis van sla. Maar begrijp me niet verkeerd , dit gaat zoveel verder dan een paar blaadjes kropsla! Hier begint het creatieve proces al. Je kan kiezen uit een hele reeks prachtige groenten die geschikt zijn als basis voor een salade, zoals witte of rode kool, veldsla, raapstelen, oost-Indische kers, rucola, bietenblad, zuring, spinazie, postelein, snijbiet, eikenbladsla, witlof, paardenbloemblad, ijsbergsla, het blad van radijs, boerenkool en ga zo maar door. Het is leuk om met combinaties van bladgroente te spelen, waarbij de milde soorten, zoals ijsberg-, krop- en veldsla, postelein en spinazie zich prima lenen om alleen de hoofdrol te spelen, evenals koolsoorten. Bittere soorten, zoals rucola en paardenbloemblad, kan je beter in combinatie met andere soorten groente gebruiken of je kan in je andere toppings voor de bitterheid compenseren.

4. Hoe groot snijd je je groenten?

Hoe fijn je je groenten snijd, is heel persoonlijk en afhankelijk van smaak. Ikzelf vindt het fijn als ik niet meer hoef te snijden in mijn salade voordat ik het opeet. Toch kan ik je een paar richtlijnen geven voor hoe groot de stukken ten opzichte van elkaar mogen zijn. Zo zou ik ingrediënten met een sterke smaak kleiner snijden dan mildere ingrediënten. Zo zou ik rauwe ui, basilicum en knoflookolijven (sterke smaak) kleiner snijden dan gebakken ui, avocado en tomaten (milde smaak). Ook de taaiheid van een product kan bepalen hoe fijn je het snijdt. Zo zou ik koolsoorten en snijbiet fijnsnijden en spinazie, rucola en kropsla lekker grof laten.

5. De salade interessant en kleurrijk maken.

Naast basisgroenten is het leuk om je salade te verrijken met extra kleur en smaak. Hiervoor kan je eigenlijk alle groenten gebruiken die rauw te eten zijn, denk aan: tomaten, selderij, komkommer, wortel, (bos)ui, avocado, biet, courgette, sugar snaps, paprika en koolrabi. Maar niet alleen rauwe groenten doen het goed in salades. Ook geroosterde, gebakken of gestoomde groentes zijn een heerlijke, vaak smaakvolle toevoeging. Ter inspiratie: geroosterde bloemkool met za’atar, aubergine en paprika uit de oven, paddenstoelen met tijm, gebakken uien, gegrilde courgettes, gekookte maïs, gestoomde sperziebonen, etcetera, etcetera.

6. Kruiden

Kruiden maken een salade lekker. Ik snap niet waarom dit nog geen standaard is. (Verse) kruiden maken een salade tienmaal lekkerder. Ik ben gek op bieslook, basilicum, dragon, tijm, koriander, peterselie, selderij en oregano in mijn salade. Vers zijn de kruiden het lekkerst, maar gedroogd is bijna even goed.

7. Extra textuur en smaak.

Ik voeg bijna altijd iets toe wat de salade opvallend maakt. Eetbare bloemen, ingelegde groenten (kappertjes, augurk, zilveruitjes, zongedroogde tomaat, olijf), noten en zaden of fruit.

8. Voedingswaarde toevoegen

Als je een salade vullender wil maken, zijn goede opties om toe te voegen:

  • Granen, zoals quinoa, rijst, volkorenpasta, stukjes volkorenbrood/volkoren croutons, gierst of couscous.
  • Aardappel of zoete aardappels.
  • Peulvruchten, zoals kikkererwten, kidneybonen of linzen.
  • Gezonde vetten, zoals avocado, noten en olijven.
  • Zelfgemaakte cashewkaas
  • Gebakken falafelballetjes
  • Zetmeelrijke groenten zoals pompoen

8. De dressing maakt of breekt een salade.

Een goede dressing is een halve salade. Ik bedoel echt. Als je er het geld voor hebt, koop dan olijfolie extra vierge of een andere smaakvolle olie voor je dressings. Een goedkopere optie is agave-mosterd. Ook een lekker azijn, zoals een goede balsamico-, cider- of wijnazijn doet veel. Vers citroensap in plaats van azijn is trouwens ook heerlijk. Een ander idee is om een notenpasta, pesto of hummus aan te lengen met water om een smakelijke boost aan je salade te geven.

9. Kies een palet aan smaken

Een goede tip hier is om te kiezen voor smaken die elkaar aanvullen. Als je een vrij bittere basis hebt, kies dan voor een zoete toets, als je basis vrij stug is, kies dan voor iets romigs, als je salade vrij mild is, kies dan voor iets dat een smaakboost geeft.

10. Breek de regels!

En als je dan eenmaal een beetje geoefend hebt, is het tijd om de regels te breken en zoveel mogelijk dingen te proberen. En vooral ook heel veel mislukte salades te maken. Alleen dan leer je het echt!

Nou voilà, daar hebben jullie het: mijn saladehandleiding. Proost op nog vele heerlijke salades!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s